MINNELIJKE SCHIKKING - BEMIDDELING

De minnelijke schikking en de bemiddeling zijn twee manieren op een geschil op te lossen die toelaten een oplossing te vinden zonder zijn toevlucht te moeten zoeken tot de duistere juridische procedures.
De minnelijke schikking en bemiddeling vertonen echter enkele fundamentele verschillen, die wij voorstellen kort te onderzoeken in de hiernavolgende tekst.

DE MINNELIJKE SCHIKKING

In het Gerechtelijk Wetboek wordt voorzien dat de partijen die in geschil liggen de mogelijkheid hebben om dit geschil voorafgaandelijk ter minnelijke schikking voor te leggen aan de rechter die bevoegd is om kennis te nemen van het geschil.

Dit voorafgaandelijk verzoek tot minnelijke schikking kan uitgaan van een van de partijen bij het geschil, dan wel met hun beider toestemming.

Wanneer een dergelijk verzoek wordt geformuleerd, roept de rechter partijen op en zal proberen, in samenspraak met de partijen, te zoeken naar een minnelijke oplossing voor het geschil dat tegenover elkaar stelt. Wanneer de rechter tussenkomt in het kader van een minnelijke schikking, is zijn rol volledig anders dan wanneer hij zetelt in het kader van een gerechtelijke procedure; inderdaad, tijdens de fase van een minnelijke schikking, kan de rechter de partijen bijstaan in het zoeken naar een oplossing, maar kan hij hen geen oplossing opdringen.

Er zal een proces-verbaal van het verschijnen tot minnelijke schikking worden opgesteld op het einde ervan. Wanneer een akkoord wordt gevonden tussen de partijen, zal het proces-verbaal er de bewoordingen van hernemen en zal de uitgifte ervan worden voorzien van het formulier van tenuitvoerlegging : een dergelijk akkoord heeft dus dezelfde waarde als een vonnis.

Voor de arbeidsrechtbank werd de poging tot minnelijke schikking in meerdere materies verplichtend gesteld en, in het bijzonder, wanneer de rechtbank wordt gevat in een geschil met betrekking tot het arbeidscontract.

Zoals we hierna zullen aantonen is er in het kader van het proces van de bemiddeling geen enkele tussenkomst van de rechter bij de zoektocht van de partijen naar een minnelijke oplossing voor het tussen hen bestaande geschil, hetgeen een van de fundamentele verschillen uitmaakt tussen de bemiddeling en de minnelijke schikking.

DE BEMIDDELING

Het Gerechtelijk Wetboek onderscheidt twee types van bemiddeling : de vrijwillige bemiddeling en de gerechtelijke bemiddeling.

a) De vrijwillige bemiddeling

Voor, tijdens of na het verloop van een gerechtelijke procedure (voor zover nog geen beslissing werd genomen door de rechtbank), kunnen partijen beslissen om hun toevlucht te nemen tot de bemiddeling. De partijen duiden in gezamenlijk overleg een bemiddelaar aan of duiden een derde aan met het oog op voormelde aanduiding.

De partijen definiëren onderling, met de hulp van de aangezochte bemiddelaar, de organisatorische modaliteiten van de bemiddeling en de duur van het proces. Hun akkoord wordt schriftelijk bevestigd in een document genaamd “het bemiddelingsprotocol” dat dient te worden getekend door de partijen en de bemiddelaar van bij de aanvang van het proces. Dit protocol dient een aantal verplichte bepalingen voorzien door de wet te bevatten. De kosten en de honoraria van de bemiddeling zijn ten laste van beide partijen bij gelijke delen, behalve indien de partijen anders zouden beslissen.

Wat bedoelt men precies wanneer men spreekt van “bemiddeling” of de “bemiddelaar” ?

De “bemiddeling” voorzien in het Gerechtelijk Wetboek, dewelke die is waarnaar wij verwijzen, is een vrijwillig en vertrouwelijk proces van geschillenbeslechting via hetwelk partijen hun toevlucht nemen tot een volkomen onafhankelijke en onpartijdige derde, de “bemiddelaar” genaamd.

De bemiddelaar, dewelke hiertoe een bijzonder opleiding heeft genoten, zal proberen de dialoog tussen partijen te herstellen op basis van een respectvolle communicatie. Zijn rol zal er in bestaan de partijen te helpen om zelf een oplossing, die het best aanleunt bij hun noden, uit te werken voor hun geschil.

Het volledige proces is vrijwillig in die zin dat de bemiddeling nooit kan worden opgedrongen aan de partijen; het zijn de partijen zelf die er al dan niet voor kiezen om eraan deel te nemen en zij mogen het proces op elk ogenblik ook stopzetten.

Met betrekking tot de vertrouwelijkheid, deze wordt gegarandeerd door de wet die voorziet dat de opgemaakte documenten en de mededelingen die worden gedaan in de loop en ten behoeve van de bemiddelingsprocedure vertrouwelijk zijn. In geval van het mislukken van de bemiddeling, mag een partij nooit gebruik maken, in het kader van een latere juridische (of andere) procedure, van naar voor gebrachte elementen of documenten opgesteld tijdens de bemiddeling, op straffe van zich bloot te stellen aan schadevergoedingen. De rechter zal bovendien ambtshalve in strijd met de geheimhoudingsplicht meegedeelde elementen uit de debatten weren.

Indien de partijen tot een akkoord komen, zal dit het voorwerp uitmaken van een gedateerd en door de partijen en de bemiddelaar getekend geschrift; dit geschrift zal een precieze omschrijving van de verplichting van elk van de partijen bevatten.

In geval een akkoord wordt gevonden, en wanneer de bemiddelaar die de bemiddeling heeft geleid erkend werd door de Federale Bemiddelingscommissie (de erkenning wordt verkregen indien de bemiddelaar de strikte voorwaarden vervult die zijn kwaliteit garanderen), kunnen de partijen of een van hen het bemiddelingsakkoord voorleggen ter homologatie aan de bevoegde rechter. De homologatiebeschikking heeft de gevolgen van een vonnis.

b) De gerechtelijke bemiddeling

De reeds voor een geschil geadieerde rechter kan, op gezamenlijk verzoek van de partijen  of op eigen initiatief maar met instemming van de partijen, een bemiddeling bevelen. Een dergelijk verzoek kan in elke stand van het geding worden tussenkomen, zolang de zaak niet in beraad werd genomen.

Wanneer het een gerechtelijke bemiddeling betreft, wordt deze gekaderd door de rechter aangezien een beslissing wordt genomen door deze laatste waarbij, in het bijzonder, de aanvankelijke duur van de opdracht van de bemiddelaar wordt vastgelegd en waarbij de datum wordt aangeduid naar waar de zaak werd uitgesteld. De bemiddelaar moet bovendien de rechter op de hoogte stellen van het ogenblik waarop hij de bemiddeling aanvat en, aan het einde van zijn opdracht, dient hij de rechter in te lichten of de partijen er al dan niet in geslaagd zijn een akkoord te bereiken.

Wanneer de bemiddeling heeft geleid tot het sluiten van een akkoord, kunnen de partijen of een van hen, net zoals in de vrijwillige bemiddeling, de rechter verzoeken dit akkoord te homologeren, wat het de gevolgen van een vonnis zal verlenen.

In principe kan, in het geval van een gerechtelijke bemiddeling, enkel een erkend bemiddelaar worden aangesteld. Niettemin, indien partijen aantonen dat geen enkele erkende bemiddelaar beschikbaar is die over de noodzakelijke competenties beschikt om de bemiddeling tot een goed einde te brengen, kan de rechter toch ingaan op het verzoek van de partijen om een niet-erkende bemiddelaar aan te stellen.

De bemiddeling is een bijzonder efficiënt instrument van minnelijke geschillenbeslechting in het bijzonder omwille van volgende redenen :

  • de vertrouwelijkheid : de partijen in de bemiddeling en iedere persoon die tussenkomen in de procedure (advocaten van de partijen, deskundigen, enz.) verbinden zich schriftelijk de vertrouwelijkheid van al hetgeen gezegd, geschreven en naar voor gebracht wordt, behoudens akkoord van het tegenovergestelde, te eerbiedigen. De bemiddelaar is onderhevig aan het beroepsgeheim;
  • de kwaliteit : indien de bemiddelaar is erkend door de Federale Bemiddelingscommissie, ingericht bij de Federale Overheidsdienst Justitie, is de bekwaamheid gegarandeerd daar men de erkenning niet kan verkrijgen dan door een belangrijke theoretische en praktische kennis aan te tonen, en dat men onderworpen is aan de verplichting tot permanente vorming;
  • geen verliezers : in tegenstelling tot de gerechtelijke procedure die eindigt in het aanduiden van een verliezer en een winnaar, zijn er bij een bemiddeling slechts winnaars aangezien de partijen zelf de oplossing vinden die hen genoegdoening schenkt en die beantwoordt aan hun noden, waarden en belangen;
  • de efficiëntie : een goed akkoord is er een dat gestoeld is op een gezonde, loyale en evenwichtige basis. Deze uitgangspunten laten toe dat een akkoord zal worden nageleefd in de tijd. Het akkoord strekt de partijen tot wet en deze kunnen er een uitvoerbare titel aan geven;
  • de afwezigheid van rigiditeit : de hoeksteen van de procedure ligt in het volkomen vrijwillig karakter en in de relatief soepele werkingsregels ervan;
  • de snelheid : de partijen blijven meester van de procedure zowel wet betrekking tot de grond van het akkoord als met betrekking tot de tijd welke zij willen besteden aan de procedure. In tegenstelling tot de gerechtelijke procedure, die heel lang kan duren, leert de praktijk ons dat, in een bemiddeling, de communicatie wordt hersteld en, in het algemeen, een akkoord zich aftekent in minder dan 3 sessies van 3 uur;
  • de controle over de kosten : aangezien de tijd toebehoort aan de partijen en de bemiddelaar over het algemeen werkt aan een voorafgaandelijk vastgesteld uurtarief, blijft de kost van de procedure beheersbaar;
  • op menselijk vlak : de bemiddelingsprocedure laat de partijen toe met een betere verstandhouding en op eigen initiatief uit elkaar te gaan alsmede geeft hen een andere manier om de wereld en de verdere relatie met de andere te zien.

Indien u wenst meer precieze informatie wenst te ontvangen met betrekking tot de bemiddelingsprocedure, kunt u zich wenden tot de webpagina van de Federale Overheidsdienst Justitie : http://www.mediation-justice.be of ons contacteren. Wij zullen met plezier elke vraag, die u ons wenst te stellen, beantwoorden.

Indien u een bemiddelaar in sociale zaken zoekt, verwijzen wij u graag door naar het tabblad onze bemiddelaars.